30 september 2016

Waterschap neemt visvriendelijk gemaal Dooijersluis in gebruik

Op donderdag 29 september heeft bestuurder Wiegert Dulfer namens Waterschap Amstel, Gooi en Vecht het nieuwe poldergemaal Dooijersluis officieel in gebruik genomen. Het poldergemaal ligt in Breukelen en is visvriendelijk. Vissen kunnen er aan 2 kanten veilig doorheen zwemmen. Dat is vooral belangrijk voor de paling. Die kan nu vrij heen en weer bewegen tussen de polder en de paaigebieden in de Sargassozee.

Wiegert Dulfer hijst de vlag van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht, en opent daarmee de visvriendelijke DooijersluisHet juiste waterpeil

Onze poldergemalen zijn belangrijk om het water in de polders op het vastgestelde peil te houden. Zo wordt bijvoorbeeld landbouw mogelijk gemaakt, natuur bevorderd of schade aan gebouwen voorkomen.

Het nieuwe poldergemaal Dooijersluis vervangt het oude poldergemaal Amstelkade. Dat had door zijn ligging aan de rand van de polder Groot Wilnis-Vinkeveen bij slecht weer soms moeite overtollig water vanuit de polder af te voeren. Het nieuwe poldergemaal Dooijersluis ligt centraler in het gebied, waardoor de afvoer van water is verbeterd.

Het waterschap en de natuur

Waterschap Amstel, Gooi en Vecht hecht waarde aan een goede waterkwaliteit en bescherming en behoud van natuurwaarden in zijn polders. Het nieuwe poldergemaal Dooijersluis is zodanig in het gebied geplaatst dat overtollig water vanuit het agrarische deel van de polder niet meer door het natuurdeel van de polder wordt afgevoerd. Dit komt de waterkwaliteit in het natuurdeel ten goede.

Verbetering trek van vissen

Bij het ontwerp van het nieuwe poldergemaal is ook op een andere wijze rekening gehouden met de natuur in het beheergebied. Wiegert Dulfer, waterschapsbestuurder: 'Het nieuwe gemaal Dooijersluis is vispasseerbaar gemaakt. Vissen kunnen er tijdens hun vissentrek in twee richtingen doorheen zwemmen. Zo is het gemaal geen obstakel meer op weg naar voedsel of paaiplaatsen. Dat past bij de doelstelling van het waterschap om natuur waar mogelijk te bevorderen.'